Site-archief

Dragen, knopen, scoren

Standaard


Nog zo’n moederding waar ik op het hele internet alleen maar halleluia over lees: draagdoeken.

Ik heb ze. Ik gebruik ze. Ik heb baby El min of meer overleefd dankzij. Ik kan al dit (meestal), en dit, en overweeg te gaan oefenen voor deze. Maar er zijn een aantal dingen waarover je op your average politiek verantwoorde moekeswebsite niets leest.

– Zo’n doek is meestal tussen de 4 en de 6 meter lang. ZES meter mensen. Dat is in mijn telsysteem meer dan drie Nederlanders. Stel, je wilt je kleine er onderweg uithalen. Pamper, eten, you name it. Doek losknopen dus. En terug vastknopen. Laat ons er even van uitgaan dat dat lukt zonder dat jij en je kind gruwelijk in de knoop raken, jullie beide hysterisch worden en er een mán aan te pas komt om jullie te bevrijden. En public. God forbid. Je moet dan al een Indische godin zijn met pathologisch veel en lange armen om niet óf die reusachtige dubbelzijdige sleep op de grond te laten belanden, óf je spartelende kind. Die grond is zand, of stof, of modder, of stadsstoep, of in het beste geval de moeder-kind WC van de Ikea. Vervolgens knoop je alles mooi terug vast met één hand terwijl je je kind met een andere hand vasthoudt. Of pakweg op de stoep legt. All set. En dan gaat mijnheer baby die verder alleen maar vers gesteriliseerde spenen krijgt op zijn stuk doek-met-grond zitten sabbelen. Mjum.

– Kots. Het spijt me, maar echt: kots. Babies durven wel eens, wat men op said moekeswebsites met zo’n mooi eufemisme noemt, ‘melk teruggeven’. En vergeet maar dat dat alleen net na z’n voeding is. Zo’n gul gevende baby zit meestal rechtop in de draagdoek of -zak met z’n gezicht naar je toe. Handig dat daar bij moeders een afvoergeul zit zeg! Geloof me: als je een tijdje hebt moeten rondlopen met cleavage met de geur van alsmaar grauwere karnemelk dan neem je de volgende keer toch liever de kinderwagen mee.

– Een draagdoek komt met boekjes vol knoopaanwijzingen, massa’s youtubefilmpjes met demonstraties, workshops en heuse draagdoekconsulenten. Omdat er veel manieren zijn om hem goed te knopen, en dus nog veel meer manieren om het verkeerd te doen. Het blijft toch een beetje een circustrucje. En we zijn zo streng voor elkaar. En voor onszelf. Elke vrouw die wel eens een draagdoek geknoopt heeft lijkt dan te loeren naar iedereen die met een kind in een draagdoek rondloopt en te oordelen of die het wel goed gedaan heeft. Knietjes hoger dan de poep! Niet te los! Niet te strak! Niet te laag! Mooi uitspreiden! Is die sling wel goed gethread? Zitten de rails niet gedraaid? Hoofdje ondersteunen! En dat kind zit toch wel goed in kikkerhouding zeker?! Terwijl: probeer maar eens om een kinderwagen verkeerd te duwen. ‘Nuff said.

– De ene draagdoek is de andere draagdoek niet. Er is een zekere orde van stoerheid. Een overtreffende trap van knoopmoeilijkheid en moederlijk culot. Draagdoeken zijn de manier bij uitstek om je moederlijke excellence te bewijzen. Het opbod aan knoopkunstjes op Youtube is onwaarschijnlijk. De BabyBjörn draagzak is de nekmat van de draagdoekwereld. So not done darling. Beginners oefenen een kangoeroehouding met een tricot slen. Praktischer of modieuzer ingestelde ouders halen een Beco of een Ergo draagzak in huis. Of een Mei Tai. Een peuter op de heup in een ringsling scoort al aardig. Maar halleluia en maximum hippiemoederpunten voor wie zijn kind in een geweven knoopdoek in een back-wrap cross carry met tibetan afwerking krijgt zeg. En dan zo gaan fietsen. Of met een tweeling. Hell yeah!

– Ik hoopte even dat baby dragen goedkoper was dan baby rijden.Voor de prijs van een kinderwagen koop je immers al snel een oude doch gekeurde VW Polo. Maar. Ten eerste zijn die draagdoeken best duur (al valt het per meter gezien eigenlijk nog wel mee). Gezien de stepping stone theorie waarin je begint bij een draagzak of tricot slen en eindigt bij een kast vol ringslings en geweven collectibles, blijft het vaak niet bij één aankoop. Bovendien wil je er natuurlijk nog graag babybeenwarmers, een draagjas en een bijpassend mutsje bij. En als je zoals ik al een zwak hebt voor stoffen dan ben je helemaal gezien. Blijkt er naast de normale modewereld een heel parallel draagdoekuniversum te bestaan met limited editions, zijde-mélanges en exclusieve patronen! Dingen die je alleen maar kan bemachtigen via de Duitse ebay of een gruwelijk lelijke webshop uit Australië. Net nu ik niet meer ver op reis kan stoffen kopen of kan gaan kleren shoppen in mijn oude maat zeg. Mijn excuses, portefeuille.

– Niet dat je echt kan gaan shoppen met je baby aan je lijf gebonden. Probeer maar eens kleren te passen zo. Of op restaurant gaan, zonder dat babyhoofdje onder de soep te druppen of de bult op je buik mee in je bord te leggen. Dus misschien valt het alles samen nog wel mee, budgettair.

– Met het risico al te prozaïsch te worden, maar hét grote raadsel voor mij: mensen die hun kind de godganse tijd dragen, hoe gaan die naar de WC…? Met z’n tweeën?

En toch gebruik ik naast de kinderwagen ook doek en sling en zak, en graag. Omdat die toch vaak handig zijn in de stad, of thuis, of op visite, en veel gezelliger dan de kinderwagen. Omdat Gé het zo fijn vindt. Omdat ik me liever niet te vaak erger aan stoepparkeerders en dergelijke. Omdat ik net nog een hele mooie limited edition Didymos zag die ik gewoon moét hebben.

En ook omdat ik toch wel een béétje uitdaging blijf nodig hebben, zo met ouderschapsverlof zijnde.
Knoopwedstrijdje, iemand?

Twee appelflappen

Standaard

Ik las hier een triljoen (ongeveer) verhalen over guilty pleasures, en kon maar niet kiezen welke mijn ultieme guilty pleasure was. Tot nu net.

Het zijn twee appelflappen. Deze:

20120330-095813.jpg

Twee appelflappen van de Turkse bakker met de blinkend schone witte vloer. En koffie.

Dat gaat zo: als zoals vannacht mijn zonen al hun organisatietalent en telepathie in de strijd hebben gegooid om in shiften wakker te zijn zodat ik dicht bij zero uren slaap kom, dan doet dat opstaan ’s ochtends pijn. En als het dan toch lukt om met z’n allen richting school te dweilen, min of meer aangekleed en min of meer op tijd, en ik sta terug buiten met een ondertussen slapende baby, dan is het tijd voor mijn ontbijt. Ik moet nog een hoop zwangerschapskilo’s kwijt. En ik wil heel heel graag terug in al mijn oude kleren. Maar ik moet nog niet gaan werken. En op weg naar huis kom ik die bakker tegen. Het zijn niet eens ‘echte’ appelflappen. Het is misschien niet eens een ‘echte’ warme bakker.

Maar de troost in die 2 koeken vol appelzoetheid. De vrolijkheid. De goeiemorgen. De boter en de suiker. Met een muziekje en koffie en de krant. Tegen dat de baby weer wakker wordt ben ik het ook.

Mjam.

#wijvenweek: te oud om te leren

Standaard
Ik dacht #wijvenweek lieflijk te misbruiken om van deze blog een blog te maken, en niet alleen een schoolvergelijkingssite. Maar het is nog maar begonnen en ik kan al niet meer meedoen zeg.
Ik zie er namelijk altijd hetzelfde uit. De ene keer nog verfrommelder dan de andere, maar that’s it. Een borstel, heet water en een dagcrème en dan hebben we het wel weer gehad ‘ s ochtends. Niet dat ik niet zou willen, af en toe. Ik heb eindeloos veel respect en allround bewondering voor de beter beschilderde medemens. En diens dagindeling, vooral. Wanneer doen jullie al dat verfijnde bijkleuren en geraffineerd poederverspreiden toch? En hoe komt het dat het ook nog ‘ns zo mooi een hele dag blijft zitten? Ik vind het tegenwoordig al een prestatie om m’n héle kop gekamd te hebben én kleren aan te hebben zonder schouders vol oude babykots.
Ik zou ook niet weten hoe eerlijk gezegd. Van El een leeuw maken, of iets idioots doen met blush voor een verkleedfeestje: can do. Make-up like a lady: nope. Zelfs niet een klein beetje. Ergens heb ik de cursus gemist, het meisjes-onder-elkaar-aan-de-spiegel, het tijdschrift met stap-voor-stap fotoreportages.
En nu is het te laat. Ik ben veel te oud om er nog als een oefenende tiener uit te willen zien.
Wat een vicieuze cirkel is: als er in de inno’s van deze stad al eens een dametje make-up sessies zit te doen kan ik nog zo verveeld in de buurt van haar exotisch ruikende standje rondhangen: een ongeschminkt iemand aanspreken wil ze niet. Zelfs niet voor een demo van een half gezicht. En workshops en cursussen galore in Gent, maar make-up voor beginners? No such thing.
Ik ga nu dus al die andere wijvenweekposts van de dag lezen, in de hoop dat ik daar iets kan bijleren. Excuse me.